Al 37 jaar actief: Buurtbus Pijnacker

11 juni 2016 door Danny Edwards

De Buurtbus Pijnacker startte in 1979 op het traject Pijnacker-Oude Leede-Delfgauw. Sindsdien is de buurtbus een stabiele factor in het dorpsbeeld. In 2012 is het traject verlengd richting Nootdorp. Voorzitster Joop van Gasteren en PR-man Leo Toet verhalen over 37 jaar succesvol opereren.

Jullie waren één van de eerste buurtbussen in Nederland.
We zijn inderdaad in 1979 begonnen. Een groepje van vier mensen heeft indertijd het voortouw genomen om een lijndienst Pijnacker-Delfgauw, over het ‘achterweggetje’ langs Oude Leede,  te beginnen. Van die initiatiefnemers is natuurlijk niemand meer actief, maar we rijden nog steeds. Sinds 2012 ook naar Nootdorp. Pijnacker en Nootdorp hebben tegenwoordig allebei een metrostation, maar met name in Nootdorp ligt dat nogal in niemandsland. Wij vormen het enige alternatief voor de metro.
Vroeger hadden we als vereniging veel meer vrijheid: We namen autonoom onze eigen beslissingen. Tegenwoordig raken we steeds meer in het keurslijf van de vervoersconcessie.

Hoe werkt het?
We zijn een lijndienst, dus we rijden een vaste route. De verzekeringsvoorwaarden staan ons ook niet toe af te wijken. We hebben haltes, maar je kunt overal langs de route opstappen. Beide bussen zijn direct te bellen op een eigen telefoonnummer, zodat je bv. de chauffeur kunt laten weten dat je ergens binnen staat te wachten omdat het regent. De chauffeur helpt indien nodig ook bij in- en uitstappen. We zijn dus eigenlijk een lijndienst-plus.
Wat we niet hebben is een OV-chipkaartlezer in de bus. Dat zouden we wel graag willen, omdat dat het overstappen van/naar de metro aanzienlijk aantrekkelijker zou maken. Maar om de één of andere reden houdt Veolia dat af. Andere buurtbussen in de regio hebben wel zo’n apparaat.

Sponsoren?
Er is in deze dorpen een grote saamhorigheid, dus het vinden van sponsoren is nooit een probleem geweest. We hebben er nu bijna 30. Valt er eentje af, hebben we zo weer een nieuwe. Alle sponsoren betalen dezelfde 350 euro per jaar.
Onze eerste bus is ooit betaald door West-Nederland, de voorloper van Connexxion. De lopende concessie is door de Metropoolregio Rotterdam-Den Haag [MRDH] uitgegeven aan Veolia. Onze twee huidige Mercedes Sprint-bussen zijn door Veolia betaald. Daar zijn we heel blij mee; we hebben vroeger wel met veel slechter materiaal gereden.

Vrijwilligers?
We hebben een redelijk vaste groep vrijwilligers. Dat schommelt zo rond de 75 tot 85 personen. We rijden op werkdagen van 8 uur ’s ochtends tot 6 uur ’s middags in shifts van 2 uur, en dat betekent dat we in theorie 50 chauffeurs nodig hebben. Maar er zijn er altijd wat op vakantie of anderszins, dus het is fijn dat we dat met een grotere groep goed kunnen opvangen. Op de jaarlijkse Algemene Ledenvergadering komt 99% van de leden opdagen. Dat schijnt heel bijzonder te zijn, en ook dat tekent de saamhorigheid.

Passagiers?
Zo’n 650 per maand. Toen we de nieuwe bus kregen was de eis dat we daarmee jaarlijks 5000 passagiers zouden vervoeren. Dat hebben we net aan gehaald. We vervoeren niet alleen ouderen, maar bijvoorbeeld ook scholieren van het bijzonder onderwijs, mensen die bij één van de autobedrijven in Delfgauw hun auto voor reparatie achter moeten laten, en Nootdorpers die sinds de gemeentelijke fusie alleen in Pijnacker nog hun rijbewijs of paspoort kunnen verlengen. Daarnaast hebben we buiten de dienstregeling om op zaterdag een vast clubje van 8 mensen die we vervoeren. De regiotaxi is voor hen te duur, omslachtig en tijdens piekuren niet betrouwbaar genoeg. De groep passagiers waar we ooit voor reden, bestaat eigenlijk niet meer. Die wonen nu vaak al bovenop het winkelcentrum.

Sociale functie?
In de jaren ’60 was er een liedje ‘In de bus van Bussum naar Naarden’, van Maria Dieke en de Skymasters. Dat lied verhaalde van een wildvreemde jongen en meisje die elkaar tijdens de busrit een zoen gaven. Zó mooi is het bij ons in de bus niet, maar een ritje in de bus is toch meer dan alleen vervoer van A naar B. Veel mensen hebben toch baat bij een praatje, hoe eenvoudig en alledaags ook. Het krikt ze weer even op.

Hoe nu verder?
Eind 2017, over anderhalf jaar, vergeeft de MRDH de nieuwe concessie. Dan wordt het voor ons weer even spannend. We zijn niet bang voor opheffing; daarvoor vervullen we een te belangrijke rol in de dorpen. Maar we willen graag een OV-chipkaartlezer in de bussen. En sowieso is er misschien het risico dat we onze huidige mooie bussen weer kwijtraken. Die zijn tenslotte van Veolia.
Maar we gaan proberen van te voren met de MRDH mee te praten over het eisenpakket van de concessie, zodat we dat soort risico’s kunnen inperken. Dat is iets wat we geleerd hebben van collega-buurtbussen in de regio. We hebben dat zelf nooit eerder zo gedaan.

Reacties

Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

Praat mee

Heeft u zelf ervaring met het onderwerp van dit artikel, of heeft u een briljant idee? Laat dan hier uw reactie achter. Uw inzichten zijn voor dit project zeer waardevol!

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Kent u zelf een interessant project op het gebied van de zelforganiserende burger, mobiliteit en de stad? Of heeft u een goed idee of een uitgesproken mening? Mail ons dan op info@emergent.city. Uw bijdrage is voor dit project zeer waardevol!
×